Naar Zuid-Mauritanie!
De volgende ochtend vroeg eruit. We gaan naar Nouakchott! De hoofdstad van Mauritanie. Er staat een flinke woestijnrit op het programma. Het is ongeveer 465 kilometer, dwars door het zand. Sinds enige jaren ligt er een nieuwe geasfalteerde weg, met tankstation in het midden. Tank volgooien, reserve jerrycan vol en op weg.
In Nouadhibou nog even de bannenspanning controleren, wat nog maar net gelukt is omdat alles dicht is omdat het Independence Day is, maar de beste man startte de generator met perslucht en ging vlot aan de slag. Hoe vol? 2,7 Bar? Nee nee! 1,4 voor en 1,8 achter. Ons ezelsbruggetje: 1 komma VOOR en 1 komma ACHTer. De banden maar weer wat leeg laten lopen en de stad uit. Tenminste: een auto reed vlot achter ons aan in de stad al seinend met z’n lichten. Ruud gebaarde de man om maar naast ons te komen rijden om te vertellen wat deze wilde. Of de auto te koop was. Een vriendelijke “nee” later reden we richting het einde van Nouadhibou, een teleurgestelde man achterlatend in de achteruitkijkspiegel.
De weg op!
De politiepost, gendarmerie en douane gingen vrij vlot deze keer en we duiken de weg op. De route is goed, recht en vrijwel zonder kuilen en we schoten al aardig op. Zolang je wat harder kunt rijden, voldoet de wind voor de koeling van de motor. Halverwege de stop. Vanwege de feestdag, helaas geen vers brood. Dan maar smerige koekjes, die je om kunt buigen zonder dat ze breken. Ach ja, op dit soort rijdagen moet je de culinaire hoogtepunten maar even zoeken in de biscuitjeshoek. We passeerden de afslag voor Parc du Banc d’Arguin. Een beroemd vogelpark, aan het water waar talloze vogels overwinteren. Het staat op de werelderfgoedlijst van UNESCO. Het rottige is, is dat je er alleen kunt komen via een piste van 40 kilometer lang, niet wetende waar deze exact loopt en we helemaal alleen waren. Wat is verstandig? Gewoon gaan en zoveel mogelijk westwaarts rijden, op de zo goed mogelijk begaanbare stukken en bij vastzitten wachten? Of bij de inrit wachten op meer verkeer om samen op te trekken? Auto bij een politiepost parkeren en hopen op een lift met een 4x4? Of doorrijden? We hebben inmiddels de Lonely Planet van Senegal uitgebreid gelezen en zien dat daar tevens volop vogelparken zijn, net wat anders dan Parc du Banc d’Arguin, maar beter bereikbaar. Laten we dat maar doen, hebben we besloten onderweg. Vastzitten nu, eruit trekken... allemaal adventure natuurlijk, maar we moeten nog naar Ghana. En we zijn nou eenmaal alleen, dus het vooruitzicht van mogelijk uren of dagen vastzitten is geen aantrekkelijke. Door naar Nouakchott dus. Nog een kilometer of 250, in 3 uurtjes waren we er, nog een (lege) Nederlandse auto met stukken passerend..
Nederlanders van de Challenge in Nouakchott
We rijden Nouakchott in, langs een auberge en zien een andere Nederlandse auto. En een eend ernaast. En nog een eend. En nog een Volvo! Dat zijn ze! Die gasten van de Amsterdam-Dakar Challenge. Snel stoppen, 8 overtredingen makend naar de overkant van de weg, onder luid getoeter (en die werkt goed! Die extra luchthoorn van Ben Lokkers). Meteen lachende gezichten. Zij hadden de eend al zien staan in Nouadhibou, toen wij met de trein landinwaarts gingen. Even bijgekletst, foto’s gemaakt en wij weer op weg naar een andere camping, wat meer in de stad. Het was even lastig te vinden, je moest goed opletten voor de gaten in de weg (als je daar met volle bepakking inrijdt...) en helaas was de situatie anders dan in onze gekopieerde Lonely Planet van Mauritanie stond. Behoorlijk duurder, en toen we bij de ingang stopten, werden we overspoeld met mensen die vroegen of de auto te koop was. Een beetje overdonderd door de situatie, besloten we daar weg te gaan. Dan maar terug naar auberge Sahara, waar de bekenden waren. Ook al is het op zo’n moment wat druk, met een grote groep, het is natuurlijk wel leuk om ze nog even te zien, ervaringen uit te wisselen en de volgende ochtend zouden ze weer verder gaan. Hadden wij weer wat meer rust. Ander voordeel was dat er Wifi was, oftewel, internet! Mooi om meteen foto’s en verhalen te schrijven en op internet te zetten. Dezelfde putten ontwijkend keerden we terug en reden het terrein op, waar we de auto veilig kunnen parkeren, binnen de muren.
Dubbele menukaarten
Alle kamers zaten (uiteraard) vol, maar we konden ons tentje wel op het dak kwijt. Niet dat er ook maar sprake is van een haring erin slaan, een zwaar iets in iedere hoek van de tent voldoet prima. Tijd om iets te eten. De groep van Sahara-racers hadden al een pizza besteld gezamelijk, hmmm, daar hadden we best zin in, maar ze hadden ons niets gezegd. Dan maar zelf op zoek. Toevallig aan de overkant een pizzeria! En we hadden inmiddels al behoorlijk wat honger gekregen. We kregen de menukaart, best prijzig, maar goed, laten we het maar doen en even ons budget vergeten. De pizza was heerlijk en toen Sandra wilde afrekenen, ontdekte ze bij een Mauretaanse dame die naast haar stond te kijken in een menukaart, dat er andere prijzen instonden. Bij haar dan! Dit ontdekkende, betaalde Sandra keurig de prijs die stond in de lokale menukaart. Erg geraffineerd, maar helaas, we zijn geen groentjes meer. Wij terug naar het hotel. De groep Nederlanders keek ons met jaloezie aan. Wij kwamen nog etend van een stuk stokbrood, rijkelijk belegd met kaas aan. We zeiden dat de pizza heerlijk gesmaakt had en ontdekten toen dat hun pizza’s er nog steeds niet waren. Ach ja, een bestelling van 19 pizza’s bij dezelfde pizzeria, met waarschijnlijk 1 oververhit oventje uit de Middeleeuwen, waarbij nummer 1 alweer koud is als nummer 19 erin gaat, is geen goed idee. “Nee, volgende keer doen we het anders!” riepen ze nog, terwijl de tanden gezet werden in een harde, maar vooral koude, bodem. We hebben ze daarna maar verwezen naar de andere pizzeria en supermarktje met brood en kaas aan de overkant, die het vervolgens nog nooit zo druk gehad hadden. Misschien maakte de extra klandizie het weer een beetje goed nadat we de menukaart-scam ontdekt hadden.
De rijdende Albert Heijn
In de loop van de avond kwamen er twee andere auto’s het terrein oprijden. Dat waren Nederlanders van de Challenge (die we onderweg naar Nouakchott al tegengekomen waren) die de kapotte auto op gingen halen. Deze had de rit off-road niet gehaald (de 40 kilometer piste, die wij hebben overgeslagen). Ze hadden besloten om de auto in Nouakchott te laten, aangezien deze ouder dan 5 jaar is en derhalve niet in Senegal achter mag blijven. Doe je dat wel, dan kost je dat een hele hoge boete, waarmee de staatsschuld van Senegal voor een groot deel afbetaald kan worden. Hun gids zou de auto zelf krijgen als hij zorgde voor de douane-formaliteiten. Het was kennelijk een kapotte waterpomp, maar door het strakke reisschema van de challenge (in 3 weken naar Gambia), hebben ze geen tijd om deze te laten repareren. De spullen die in de auto zaten, werden eruit gehaald en iedereen kon kiezen wat men wilde hebben. (nu moeten we erbij zeggen dat de meeste challange-auto’s met de bodemplaat vrijwel op de grond hangen vanwege wat er allemaal meegesjouwd wordt vanuit Nederland). Er kwam dus vrij veel uit en nadat iedereen klaar was met “plunderen” werd er nog een volle doos etenswaar voor onze neus gezet. “Willen jullie hier iets van?”. Onze ogen werden groter en groter, aangezien er spullen bijzaten die we nu al 2,5 maand niet geproefd hebben, zoals worteltjes van HAK, boontjes van Bonduelle en Sate-saus van Knorr. Dat laten we ons geen tweede keer zeggen! We waren ook de enige auto die deze halve Albert Heijn niet in de auto hadden liggen en waren dus als enigen geinteresseerd. Het moet alleen wel snel op, want al die glazen potten is nogal wat gewicht. Willen we niet onze uitlaat van onder de eend rijden, moeten we de komende dagen maar even dooreten. Ook nog de tweede gevarendriehoek van de kapotte auto mogen meenemen. Nu voldoen we meteen aan de eisen van de Senegaleese wet, dat je minimaal 2 driehoeken in de auto moet hebben, en kan de politie weer een mogelijke boete voor ons afstrepen.
Rust in de tent, bijkletsen
De volgende ochtend werden we vrij vroeg wakker, maar te laat om de challenge uit te kunnen zwaaien. Zij waren allemaal vertrokken. Het was een stuk leger en rustiger in auberge Sahara en meer de tijd om te kunnen praten met andere individuele overlanders. Die avond daarvoor dachten de meesten waarschijnlijk dat we bij de groep hoorden, en die worden plichtmatig vermeden door indivduele overlanders, dus hadden we alleen aanspraak van de groep Nederlanders. Dat veranderde meteen gelukkig en we babbelden ons een beetje de dag door, af en toe een verhaal publicerend op de website. Hier kwamen we Tim weer tegen, de Brit “I am following my steering-weel” uit Birmingham op de motor die geen idee heeft waar hij de volgende dag terecht komt en totaal geen enkel doel heeft om naartoe te rijden. Toffe kerel, dat wel!
Ook nog twee Belgen gesproken, vader en dochter, op weg in een Landrover. Vader was 75 jaar en dochter ongeveer 50. Dit was hun zoveelste trip in Afrika, krijgen er geen genoeg van. Ook zeer aardige, maar vooral inspirerende mensen en waar je na een uurtje met ze praten, weer vol ideeen zit.
Rondje Nouakchott
In de middag nog naar de grote markt van Nouakchott gereden, een rondje over de markt gelopen waarbij de straatjes bedekt waren met ongeveer een halve meter plastic. Een laatste souvenir gekocht (nog een theepotje) en blijven plakken bij de verkoper, die ons uitnodigde voor een toepasselijk kopje thee. Dat duurde natuurlijk minimaal 2 uur waarna we nog even bij de haven gingen kijken hoe de vis door duizenden bootjes met allerlei kleuren naar de kant werd gebracht, waarbij zwemmende kerels de vis afleveren bij de plaatselijke markt, die de vis snijden en dat alles tot een waar spektakel maakt wat je absoluut niet mag missen. Alleen.... vandaag even niet, het was nog een feestdag. 1 Bootje deed nog wat moeite om alle Westerlingen (niet veel, maar toch), die dit veelbelovende schouwspel in de reisgids hadden gelezen en de taxi genomen hebben om het mee te maken, niet teleur te stellen.








